Klachten en behoeften uitvragen
De wijkverpleegkundige kan de eerste zijn die merkt dat een patiënt of naaste kampt met problemen om met de ziekte en alle bijkomende effecten van de ziekte of behandeling om te gaan. Belangrijk is dat hij/zij dan weet wat te doen en wat de mogelijkheden zijn. Vaak is een luisterend oor voldoende, soms is er meer ondersteuning nodig. De werkgroep heeft een indeling gemaakt in type hulpvraag: Gaat het om een behoefte aan aandacht, begeleiding of is er sprake van een crisis (deze indeling is overgenomen uit de richtlijn Zingeving en Spiritualiteit in de Palliatieve Fase, IKNL, 2018). Hoe dit er in de praktijk uitziet is hieronder weergegeven in figuur 1. Psychosociale zorg door wijkzorg. Deze figuur is ontwikkeld op basis van de input uit de focusgroepen met professionals.

Hieronder volgt een beschrijving van de ABC aanpak (in Tabel 1-3 worden suggesties gedaan voor eventuele verwijs mogelijkheden/verengingen/websites)

A: Behoefte aan Aandacht; is er is meer aandacht en informatie nodig dan er nu is?
Het begint met een goed gesprek. Voor een groot deel van de patiënten en hun naasten is dit voldoende om zelf weer verder te kunnen. Door te luisteren, te informeren en te normaliseren voelen patiënten zich gehoord en serieus genomen.

Er kan gewezen worden op diverse mogelijkheden van informele zorg en ander niet-medisch aanbod. Om klachten te voorkomen of iemands draagkracht te vergroten. In onderstaand overzicht is te zien waaraan gedacht kan worden. Denk bijvoorbeeld aan IPSO Centra voor leven met en na kanker, deze bieden een aanbod aan activiteiten en begeleiding op het gebied van omgaan met kanker, ontmoeten, ontspanning en terugkeer in de samenleving, deelnemen aan contactdagen via patiëntenorganisaties of het in contact komen met lotgenoten via Facebook en andere sociale media.

Eventueel kan een screeningsinstrument zoals de vragenlijsten voor Positieve Gezondheid (mijnpositievegezondheid.nl) of de Lastmeter gebruikt worden om een gesprek te structureren, zo komen ook onderwerpen als middelengebruik of seksualiteit aan bod.

B: behoefte aan Begeleiding; extra hulp om draagkracht te vergroten of draaglast te verminderen 
Bij een behoefte aan begeleiding en ondersteuning, kan een screeningsinstrument zoals de vragenlijst voor Positieve Gezondheid of Lastmeter gebruikt worden. Afhankelijk van de uitkomst kunnen dan mogelijkheden van verzekerde en niet verzekerde zorg aangereikt worden. Ook kan de POH-GGZ (via de huisartsenpraktijk) een rol spelen in het verder uitzoeken van de meest passende optie. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de mogelijkheden, dit kan met een patiënt besproken worden. Op kanker.nl kan ook passende zorg worden gezocht.

C: Crisis
het leven loopt vast, het ene probleem maakt ook het andere steeds erger, de oplossingsmogelijkheden worden steeds kleiner, i.p.v. groter, er dreigt gevaar. Het direct doorzetten naar medische of psychiatrische zorg staat centraal: er is met spoed meer zorg nodig. Een huisarts moet ingeschakeld worden om de juiste zorg bij te organiseren of er moet rechtstreeks contact worden opgenomen met een crisisdienst van de GGZ. Contact opnemen met de huisarts moet altijd met toestemming van een patiënt. Motiverende gespreksvoering (en dus de passende scholing hiervoor) kan van belang zijn.

 Figuur 1: Psychosociale zorg door wijkzorg

Tabel 1: Aandacht en informatie

Tabel 2: Begeleiding: verwijzing over het algemeen via huisarts en belangrijk om te vragen wat de eigen kosten zijn

Tabel 3: Crisis (verwijzen kan pas als de patiënt in zorg is)

Verwijzen naar verzekerde zorg (wordt vergoed)
Hierbij gaat het om zorg die vanuit het basispakket van de zorgverzekering wordt vergoed. Dit gaat vaak (behalve HA en POH-GGZ) van het eigen risico af (prijsniveau 2024: minimaal 385 euro eenmaal per jaar, tenzij dit hoger is afgesloten). Soms wordt ondersteuning slechts gedeeltelijk vergoed (bij een restitutiepolis of een uit de aanvullende verzekering) en komt een deel van de kosten voor eigen rekening, afhankelijk van de verzekering. De verwijzing voor deze zorg loopt hoofdzakelijk via de huisartsenpraktijk (huisartsenzorg, inclusief POH-Somatiek en POH-GGZ worden altijd vergoed). De huisarts vraagt meestal de POH-GGZ in de praktijk om mee te kijken, alvast ondersteuning te bieden, eventueel te verwijzen naar een psycholoog of andere Geestelijke Gezondheidszorg aanbieder en vaak ook de wachttijd hiervan te overbruggen.

Verwijzen naar kosteloze zorg
Dit betreft zorg die kosteloos te krijgen is zonder verwijzing van (huis)arts en aangevraagd kan worden op eigen initiatief (van patiënt). Per regio kan deze ondersteuning verschillen maar over het algemeen bestaan er in elke regio de volgende ondersteuningsmogelijkheden: denk aan wijkteams, clientondersteuners, IPSO Centra voor leven met en na kanker, palliatieve vrijwilligers, casemanagers thuiszorg, GV thuis, Maggies Center en Centra voor Levensvragen voor geestelijke zorg in de thuissituatie.

Let ook op de mantelzorger
De naaste van de patiënt met kanker kan overbelast raken of behoefte aan steun hebben. Hiervoor is een richtlijn Mantelzorg door V&VN ontwikkeld. Sinds begin september 2023 zijn vier nieuwe praktische hulpmiddelen beschikbaar die gebruikt kunnen worden om belastbaarheid van zowel de jonge als de oudere mantelzorger in kaart te brengen en het gesprek hierover met hen aan te gaan.

Er is ook een handzame waaier ontwikkeld met tien acties om overbelasting bij mantelzorgers te voorkomen en te verminderen. De waaier biedt een overzicht van 10 opeenvolgende, concrete acties om mantelzorg bespreekbaar te maken, overbelasting te meten en te signaleren.