DOEN

1. Houd tijdens het bespreken van mogelijke fecale incontinentie er altijd rekening mee dat dit onderwerp tot schaamtegevoelens bij de cliënt kan leiden. Bespreek dit bij voorkeur eerst één-op-één en niet waar anderen bij zijn.

DOEN

2. Bevragen van de klachten moet in ieder geval plaatsvinden: • bij verpleegkundige anamnese;

DOEN

3. De anamnese moet uitgebreid plaatsvinden. Er moet in ieder geval goed gekeken worden naar:

DOEN

4. Adviseer de cliënt bij rectaal bloedverlies, plotselinge incontinentie of verergering van de klachten contact op te nemen met de huisarts.

DOEN

5. Adviseer de cliënt bij langdurige of (risico op) chronische klachten die dagelijks functioneren of kwaliteit van leven verminderen, of klachten waardoor de zorglast stijgt contact op te nemen met een bekkenfysiotherapeut voor verdere diagnostiek.

OVERWEEG

6. Overweeg (uitwendige) inspectie van het perianale gebied als de cliënt aangeeft iets te voelen, om te controleren op:

Verwijs de cliënt door naar de behandelende arts als deze zaken worden geobserveerd

OVERWEEG

7. Overweeg om gebruik te maken van een gevalideerde vragenlijst om de ernst van de fecale incontinentie te beoordelen, bij voorkeur één van de volgende:

OVERWEEG

8. Overweeg om gebruik te maken van een gevalideerde vragenlijst om de kwaliteit van leven te beoordelen, bij voorkeur één van de volgende:

OVERWEEG

9. Overweeg om een defecatiedagboek bij te houden gedurende twee weken om de frequentie en ernst van de fecale incontinentie te beoordelen. Overweeg de Bristol stoelgangschaal op te nemen in een defecatiedagboek.

Tabel 3. Comorbiditeit en medicatie die fecale incontinentie kunnen veroorzaken of verergeren.