Hieronder beschrijven we de conclusies die getrokken kunnen worden uit de grijze literatuur en de focusgroep (zie bijlage 6).
Grijze literatuur: In de Richtlijn Signaleren en omgaan met zorgmijding in de eerste lijn wordt aanbevolen om de volgende zes stappen te doorlopen (zie Handreiking Bemoeizorg in de zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking van Frederiks en Dörenberg ) in het proces van afweging wanneer handelen gerechtvaardigd is:
- Onderzoek het signaal. Breng de situatie en mogelijke risico’s in kaart op methodische wijze.
- Bespreek de situatie met de cliënt: leg uit waarom je je zorgen maakt en waarom je het nodig vindt om iets aan de situatie te doen. Respecteer hierbij de rechten van de cliënt en informeer de cliënt over eventuele vervolgstappen.
- Leg de situatie voor aan andere professionals, bijvoorbeeld in moreel beraad bijeenkomsten, casuïstiekbesprekingen, multidisciplinair overleg (MDO) of intervisie. Informeer de cliënt hierover.
- Bespreek de situatie met naasten en/of omgeving van de cliënt: om deze stap te kunnen zetten, is toestemming nodig van de cliënt. Probeer de cliënt hier zoveel mogelijk bij te betrekken en te informeren over de stappen die worden gezet.
- Analyseer de situatie met de cliënt: leg je zienswijze aan de cliënt uit en geef aan welke acties je nodig vindt. Toets bij de cliënt hoe hij of zij nu tegen de situatie aankijkt.
- Maak de afweging: gebruik hierbij overwegingen als noodzakelijkheid, doelmatigheid, proportionaliteit en subsidiariteit.
Uit de focusgroep gesprekken met cliënten en naasten komen de volgende adviezen naar voren voor verpleegkundigen en verzorgenden in de omgang met cliënten en naasten met een vervuilde woning:
- Toon oprechte interesse, respect en betrokkenheid voor de eigenheid van de cliënt. Zet in op het ‘verleiden’ van de cliënt en heb geduld als het niet meteen lukt om de cliënt te betrekken;
- Oordeel niet in de omgang met cliënten en naasten, benoem alleen wat waarneembaar is;
- Betrek cliënten en naasten bij de mogelijke gezondheids- of veiligheidsrisico’s die zich voordoen;
- Wees open en transparant in wat je doet, in wat je zegt en bespreek welke keuzes je maakt en om welke redenen je keuzes maakt;
- Informeer of de cliënt het goed vindt dat er bij een volgend huisbezoek een hulpverlener of ervaringsdeskundige aanwezig is;
- Probeer bij het opruimen of schoonmaken om niet alles in een keer aan te pakken maar het op te delen in kleinere onderdelen;
- Geef de cliënt zoveel mogelijk de regie over het schoonmaken en opruimen van de spullen door de stappen en doelen voor de cliënt zoveel mogelijk te concretiseren (bijv. lijstje schoonmaakspullen) en samen een begin te maken met het schoonmaken en opruimen;
- Wees je bewust van de schaamte en stigma bij de cliënt. Ervaringsdeskundigen kunnen een belangrijke steun zijn voor de cliënt en/of dienen als rolmodel/ hoopvol voorbeeld.