Voer een risico-inventarisatie uit bij of kort vóór opname in een zorginstelling en bij bezoek aan een poliklinische afdeling die door de zorginstelling als klinische afdeling is bestempeld:

  1. Inventariseer of de patiënt een bekende BRMO*‑drager is en neem hierop gericht actie (module 3a Isolatie en infectiepreventiemaatregelen).
  2. Screen op BRMO*‑dragerschap bij de hieronder genoemde patiënten:
    • Patiënten die minder dan twee maanden geleden langer dan 24 uur in een buitenlandse zorginstelling verbleven.
    • Patiënten die minder dan twee maanden geleden korter dan 24 uur in een buitenlandse zorginstelling verbleven en een invasieve ingreep hebben gehad in de buitenlandse zorginstelling.
    • Patiënten die langer dan twee maanden maar minder dan 12 maanden geleden in een buitenlandse zorginstelling verbleven en een invasieve ingreep hebben gehad in de buitenlandse zorginstelling.
  3. Screen op BRMO*‑dragerschap bij patiënten die komen uit een andere Nederlandse zorginstelling van een afdeling waar een BRMO-uitbraak heerst, en die nog niet onder controle is. Onderzoek op het type BRMO dat de uitbraak veroorzaakt.
  4. Screen op extended-spectrum beta-lactamase-producerende Enterobacterales (ESBL‑E) en carbapenemase-producerende of carbapenem-resistente Enterobacterales (CPE/CRE) bij patiënten die minder dan twee maanden geleden woonachtig zijn geweest in een vluchtelingenopvang.

* Zie tabel 1.1 in module 1a Criteria BRMO (voor MRSA: zie SRI-richtlijn MRSA)