Eén op de vier Nederlanders combineert mantelzorg met een betaalde baan . Dit kan zwaar zijn, waardoor overbelasting dreigt.
Werkende mantelzorgers zorgen vaak voor hun ouders of schoonouders (55%); 9% van de werkende mantelzorgers geeft hulp aan de partner en 7% aan een eigen kind (De Boer e.a., 2018). Van de werkende mantelzorgers maakt 64% mantelzorgtaken op het werk bespreekbaar; 25% besteedt meer dan 4 uur per week aan mantelzorgtaken; 30% neemt vakantiedagen op, gaat minder werken of stopt met werk, met financiële druk als gevolg .
Ruim de helft van de werkende mantelzorgers heeft het gevoel dat ze moeten helpen omdat de naaste voor wie men zorgt alleen door hem of haar geholpen wil worden, of omdat er niemand anders beschikbaar is. Dat wordt de ‘mantelzorgklem’ genoemd . Uit een kwalitatief onderzoek bij zorgprofessionals die mantelzorg geven blijkt het grootste probleem gebrek aan tijd en energie: werkende mantelzorgers zijn vaak uitgeput aan het eind van een dag. Het gevolg daarvan is dat ze minder tijd hebben voor hun hobby’s of deze helemaal opgeven en dat hun sociale netwerk kleiner wordt . Hoewel de combinatie van werk en mantelzorg zwaar wordt gevonden, kan het hebben van werk naast de zorg ook als positief worden beoordeeld: werk kan afleiding geven .