Uit de literatuursearch zijn 26 interventies naar voren gekomen. Deze zijn ingedeeld naar:

Voor de beschrijving van de interventies is zoveel mogelijk aangesloten bij de TIDieR (Template for Intervention Description and Replication) checklist .

Fase 1. Starten

Verpleegkundig specialisten

Er zijn twee studies gevonden met een interventie bij het starten met medicatie uitgevoerd door verpleegkundig specialisten. Uit een studie van hoge kwaliteit blijkt een eenmalig groepsconsult een effectieve interventie . Ook een reeks van wekelijkse telefonische gesprekken (14 in 16 weken) is effectief . Voor meer details over de inhoud van de interventies zie tabel 16 in bijlage 8B.

Tabel 4: Effectieve interventies bij het starten met medicatie door verpleegkundig specialisten
* In groen: studie van hoge kwaliteit vanwege laag risico op bias op tenminste vijf domeinen

(Praktijk)verpleegkundigen en verzorgenden

Er zijn vijf studies gevonden met een interventie bij het starten met de medicatie uitgevoerd door (praktijk)verpleegkundigen en/of verzorgenden, waarvan één studie met een objectieve meetmethode . Effectieve interventies zijn een reeks van individuele consulten, observeren van de inname en huisbezoeken gecombineerd met telefonische afspraken. Twee studies beschrijven een training in motivational interviewing of didactische informatie en educatieve technieken voorafgaand aan de interventie. Voor meer details over de inhoud van de interventies zie tabel 17 in bijlage 8B.

Tabel 5: Effectieve interventies bij het starten met medicatie door (praktijk)verpleegkundigen en verzorgenden

Fase 2. Gebruiken

Verpleegkundig specialisten

Er is één studie gevonden met een interventie in de gebruiksfase van medicatie uitgevoerd door verpleegkundig specialisten . Deze studie beschrijft de effectiviteit van individuele reguliere consulten. De verpleegkundig specialist werd getraind over de aandoening, behandeling en belang van ziekteperceptie. De studie is van hoge kwaliteit en gebruikt een objectieve meetmethode. Voor meer details over de inhoud van de interventie zie tabel 18 in bijlage 8B.

Tabel 6: Effectieve interventies bij het gebruiken van medicatie door verpleegkundig specialisten
* In paars: studie van hoge kwaliteit (vanwege laag risico op bias op tenminste vijf domeinen) én met een objectieve meetmethode

(Praktijk)verpleegkundigen en verzorgenden

Er zijn 15 studies gevonden met een interventie in de gebruiksfase van medicatie uitgevoerd door (praktijk)verpleegkundigen en/of verzorgenden. Vier studies – waarvan twee van hoge kwaliteit – beschreven regelmatige telefonische afspraken als effectieve interventie. Zes studies toonden aan dat meerdere individuele consulten succesvol zijn bij het bevorderen van medicatietrouw, waarvan één studie van hoge kwaliteit , één studie met een objectieve meetmethode en één studie van zowel hoge kwaliteit als met een objectieve meetmethode . In vijf studies werd een huisbezoek al dan niet gecombineerd met consulten. Twee studies waren van hoge kwaliteit en één studie van zowel hoge kwaliteit als met een objectieve meetmethode . Zes studies beschrijven een (meerdaagse) training in motivational interviewing of didactische vaardigheden voorafgaand aan de interventie. Voor meer details over de inhoud van de interventies zie tabel 19 in bijlage 8B.

Tabel 7: Effectieve interventies bij het gebruiken van medicatie door (praktijk)verpleegkundigen en verzorgenden

Multidisciplinaire samenwerking

Er is één studie met een effectieve interventie door samenwerking van verpleegkundigen met andere zorgverleners (Carrion et al., 2013). Onduidelijk is op welke momenten de interventie plaatsvond. Voor meer details over de inhoud van de interventie zie tabel 20 in bijlage 8B.

Tabel 8: Effectieve interventies bij het gebruiken van medicatie door multidisciplinaire samenwerking

Fase 3. Stoppen

Voor deze fase zijn geen specifieke interventies geïdentificeerd.