Mensen gaan pas met hun probleem naar de hulpverlener als het niet helpt om met vrienden, partner(s), internet, boeken e.d. tot een oplossing te komen. Daarnaast moet het seksueel probleem ervaren worden als ‘ernstig’ en ‘belemmerend’ in het dagelijks leven. Mensen die weinig waarde hechten aan seksualiteit gaan bijvoorbeeld minder snel naar een professional met een seksuele kwestie dan mensen waarbij seksualiteit een belangrijke rol speelt in het leven. Een schaamtegevoel en moeite met praten over zo’n intiem onderwerp kunnen redenen zijn voor deze afwachtende houding van mensen bij het vragen om hulp. Een andere reden kan zijn dat mensen verwachten dat zij enkel met probleem-georiënteerde vragen naar een professional mógen gaan. Uit interviews met verscheidende cliënten kwam naar voren dat zij professionals vooral zien voor hulpverlening bij problemen en bij ‘ernstige en problematische’ zaken .

Slechts 14% van de volwassen mannen en vrouwen met seksuele problemen in Nederland zegt behoefte te hebben aan hulp/ondersteuning. Het ervaren van last is dus nog niet hetzelfde als behoefte hebben aan hulp. Van hen heeft 42% ook daadwerkelijk advies of hulp gehad. Wel blijkt dat mensen ervoor openstaan dat hun arts mogelijke seksuele problemen aansnijdt tijdens een routineconsult. Uit onderzoek onder volwassenen blijkt dat het probleem als niet ernstig genoeg beschouwen en gevoelens van schaamte belangrijke redenen zijn om geen hulp te zoeken. Andere factoren zijn: wanneer de partner niet wil dat iemand hulp zoekt, niet weten waar men terecht kan, het zelf al opgelost of verwerkt hebben, of geen vertrouwen hebben in de hulpverlening. Mensen die hulp zouden willen voor hun seksuele problemen, brengen die problemen vaker niet dan wel bij een zorgprofessional naar voren. Als zij hun probleem wel ter sprake brengen, doen ze dit meestal tijdens een consult over een ander onderwerp. De hulpvraag wordt dus vaak indirect gebracht. Schaamte lijkt hierbij een belangrijke rol te spelen. Onzekerheid over de reactie van de hulpverlener (angst om veroordeeld te worden) speelt ook een rol .

Een probleem voor zorgprofessionals kan zijn dat patiënten met een seksueel probleem vaak eerst voorzichtige signalen geven, peilen hoe de hulpverlener reageert en het erbij laten zitten wanneer er weinig respons is. Verder hebben zorgprofessionals vaak een gebrek aan kennis en vaardigheden om het onderwerp bespreekbaar te maken .

Daarnaast weten zorgprofessionals niet altijd hoe om te gaan met (vermoedens van) traumatische ervaringen. De zorgprofessional kan terughoudend worden doordat die niet goed weet hoe te handelen wanneer zou blijken dat er inderdaad sprake is van een traumatische ervaring. Toch is het erg belangrijk dat zorgprofessionals hier sensitief naar zijn omdat zij een signalerende en hulpverlenende functie hebben. Ook kunnen bepaalde zorghandelingen triggers zijn voor mensen die te maken hebben (gehad) met seksueel geweld of andere traumatische ervaringen. Zorgprofessionals moeten hiervoor extra aandacht hebben, hierover in een later stadium meer. In een onderzoek op een dwarslaesieafdeling is ook gevraagd naar redenen waarom zorgprofessionals seksualiteit wél ter sprake brengen. De belangrijkste aanleidingen waren: het is onderdeel van de anamnese, de probleemsituatie cliënt, en van de kwaliteit van leven .