De werkgroep geeft aan dat het bij hulpverlening aan mensen met vervuilde huishoudens van belang is dat een multidisciplinair team betrokken is met indien relevant een huisarts, (ouderen)psychiater, specialist ouderengeneeskunde en bijvoorbeeld GGD om goede diagnostiek te kunnen doen, risico taxatie, voorlichting en de juiste behandelingen te kunnen bieden. Als er nog geen multidisciplinair team is, zal de organisatie die de problemen signaleert het eerste multidisciplinaire overleg plannen en de betrokken partijen hiervoor uitnodigen. Tijdens het eerste overleg worden vervolgens afspraken gemaakt voor vervolg overleggen en evaluatiemomenten. Afhankelijk van iemands achtergrond (verzorgende, verpleegkundige of verpleegkundig specialist) kunnen onderdelen van diagnostiek en behandeling worden overgedragen.

Volgens de werkgroep is het belangrijk dat specifieke kennis aanwezig is binnen het team over wat er gedaan kan worden bij deze problematiek. Zo is kennis nodig over dwang en drang bij mensen die zorg mijden. Ook is het noodzakelijk om verschillende perspectieven bij elkaar te brengen, met bijvoorbeeld ook woningbouwcorporaties, politie en/of huisarts. Onderzoek of andere zorgorganisaties al betrokken zijn. Afstemming over wie wat doet is essentieel: wie neemt hierin het voortouw, wie heeft de regie?

Een steunend netwerk is van groot belang. Het betrekken van familie/naasten moet zorgvuldig worden afgewogen, in afstemming met de client. De client kan voor ondersteuning worden bijgestaan door neutrale vrijwilligers en/of ervaringsdeskundigen.