Uitgangsvraag 1: Welke methode of welk instrument is effectief en wordt aanbevolen om cliënten met een verhoogd risico op zorginfecties op te sporen?
Er is in de literatuur geen generiek toepasbare methode of instrument gevonden om cliënten met een verhoogd risico op zorginfecties op te sporen. De werkgroep is van mening dat verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten alert dienen te zijn op onderstaande factoren om cliënten met een verhoogd risico op zorginfecties op te sporen.
Er zijn patiënt-, therapie- en omgeving gerelateerde risicofactoren voor de ontwikkeling van een zorginfectie, zoals:
- Prematuur geboren kinderen
- Pasgeborenen
- Leeftijd > 70 jaar
- Obesitas
- Diabetes
- Ondervoeding
- Acuut nierfalen
- Immuungecompromitteerde aandoening
- Shock
- (Brand)wonden
- Na een operatieve ingreep
- Kunstmatige beademing
- Bedlegerig
- Langdurig verblijf op de IC (>3 dagen)
- Langdurig antibioticagebruik
- Geneesmiddelen die het immuunsysteem beïnvloeden (steroïden, chemotherapie)
- Gebruik van invasieve medische hulpmiddelen:
-
- katheters die zijn ingebracht voor de drainage (bijv. urinekatheters)
- katheters voor intravasculaire toegang (bijv. perifere intraveneuze katheter, perifeer ingebrachte centrale veneuze katheter, centrale veneuze katheter)
- hulpmiddelen voor het voeden (bijv. enterale voedingssonde).
Uitgangsvraag 2: Welke methode of welk instrument is effectief en wordt aanbevolen om signalen te herkennen die duiden op een zorginfectie?
Er is geen methode of instrument gevonden om signalen te herkennen die duiden op een zorginfectie. De werkgroep is van mening dat verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten alert dienen te zijn op onderstaande symptomen die passen bij een zorginfectie. Bij deze symptomen is geen onderscheid gemaakt naar specifieke cliëntgroepen.
Algemene symptomen infectie (5 vitale parameters)
- Bewustzijn: Suf, verward, delirant
- Ademhaling: Snel (> 30 ademhalingen per minuut), kortademig, onregelmatige ademhaling, piepen, apneu
- Hartslag: Snel (> 100 slagen per minuut), traag (< 40 slagen per minuut)
- Bloeddruk: Systolische bloeddruk < 100 mmHg of > 160 mmHg
- Temperatuur: Koorts (> 37,5°C), koude rillingen, overmatig transpireren, hypothermie (< 36°C)
Specifieke symptomen infectie
- KNO-luchtwegen: Keelpijn, loopneus, hoest, kortademig, piepen, oorpijn, dik geel/groen sputum
- Maag-darm: Incontinentie, veel meer en/of vaker plassen, kleine beetjes plassen, pijn bij het plassen, buikpijn, lendenpijn
- Huid en weke delen: Rode huid, warm, (toename van) pijn, zwelling, wijken van wondranden, openspringen van hechtingen, necrose, pusafvloed
- Sepsis: Algemene symptomen infectie zijn zeer uitgesproken aanwezig en cliënt verkeerd in zeer slechte toestand
Alarmtekenen
Indien er sprake is van onderstaande alarmtekenen, raadpleeg dan een arts of handel volgens protocol van de organisatie.
- Koorts (> 37,5°C)
- Koude rillingen
- Overmatig transpireren
- Gedaald bewustzijn
- Huidverkleuring
- Verminderde urineproductie
- Pijn
- Gestoorde vitale parameters: bewustzijn, ademhaling, hartslag, bloeddruk, temperatuur
Let op!
- Een infectie kan zich ook uiten zonder koorts.
- Sommige aandoeningen (bijv. granulocytopenie) en het gebruik van medicatie (bijv. antibiotica en paracetamol) kunnen de signalen van een infectie onderdrukken.