DOEN
Voer gesprekken met mensen met kanker en hun naasten over hun psychosociaal welzijn om psychosociale problemen vroegtijdig te signaleren.
DOEN
Gebruik screeninginstrumenten in het gehele verpleegkundig proces (screening, diagnostiek en evaluatie) als ondersteuning om een gesprek structuur te geven, verpleegkundige diagnoses vast te stellen en het verloop van eventuele psychosociale problemen van de individuele zorgvrager te evalueren.
DOEN
Maak een keuze voor één screeningsinstrument, welke op verschillende momenten opnieuw ingezet kan worden, voor identificatie en evaluatie van het psychosociaal welzijn. In de overwegingen hieronder staat een aantal lijsten die geadviseerd worden.
DOEN
Evalueer regelmatig, bijvoorbeeld eens per 3 maanden of als er iets wijzigt in de situatie van patiënt: start/stop behandeling, opname/thuiskomst, veranderingen in de prognose van het ziektebeeld, etc.
DOEN
We bevelen het model Positieve Gezondheid en het PLISSIT-model aan in het ondersteunen van mensen met psychosociale problemen. Om zo van uit een holistische attitude verpleegkundige interventies in te zetten.
DOEN
Gebruik informatieve websites en digitale tools in het ondersteunen van mensen met psychosociale problemen.
DOEN
We bevelen aan om een houding aan te nemen die probeert te normaliseren, luisteren met empathie en niet perse oplossen en weten waar je naartoe kan verwijzen als meer nodig is.
DOEN
Maak gebruik van effectieve gesprekstechnieken, zoals actief luisteren, doorvragen, oprechte interesse in het verhaal van de ander en wanneer passend voor de situatie, maak gebruik van motiverende gespreksvoering of gedeelde besluitvorming (shared decision making).
DOEN
Betrek naasten van patiënten zoveel mogelijk in het toepassen van niet medicamenteuze interventies, na toestemming van de patiënt.
DOEN
We bevelen het toepassen van de in deze handreiking vermelde aanbevelingen uit de volgende richtlijnen aan (de aanbevelingen staan verderop in het hoofdstuk Uitgangsvraag 3 Effectieve interventies, bij ‘Samenvatting van de kennis’):
- IKNL richtlijn Rouw in de palliatieve fase
- V&VN Handreiking palliatieve zorg thuis
- VWS-werkgroep Psychosociale zorg bij een ingrijpende somatische aandoening
DOEN
Organiseer op basis van klinische ervaring en een screeningsinstrument aanvullende psychosociale zorg. Kijk daarbij of het gaat om een behoefte aan aandacht of draagkracht vergrotende ondersteuning, of er een klachtgerichte behandeling nodig is, of dat het een crisissituatie betreft.
DOEN
Heb oog voor de naaste en/of mantelzorger.
DOEN
Zorg dat je goed op de hoogte bent van de wijze waarop de regio de psychosociale zorg heeft georganiseerd. En werk interdisciplinair om van elkaar te leren en te reflecteren.
DOEN
Betrek de huisarts bij de ingezette zorg en stem gedurende het zorgproces goed onderling met elkaar af.
OVERWEEG
Overweeg het gebruik van het spinnenwebmodel van Positieve Gezondheid tijdens het verpleegkundig proces, hanteer hierbij lijsten voor de juiste leeftijdscategorie en, indien passend, de eenvoudig lezen variant.
OVERWEEG
Overweeg het gebruik van de EORTC QLQ-C30 of SIPP tijdens het verpleegkundig proces.
OVERWEEG
Overweeg het gebruik van de Lastmeter tijdens het verpleegkundig proces. Nadeel is dat het een klachtgerichte lijst betreft die daardoor minder aansluit bij de huidige definitie van gezondheid.
OVERWEEG
Overweeg het gebruik van een verpleegkundig diagnostische classificatie (zoals NANDA, Omaha System, ICF-model), als een screeningsinstrument niet toereikend is.
OVERWEEG
Overweeg het gebruik van de Lastmeter en/of het model Positieve Gezondheid om te evalueren met de patiënt.
OVERWEEG
Overweeg educatieve verpleegkundige interventies (psycho-educatie), psychosociale verpleegkundige interventies, verpleegkundige interventies die coping ondersteunen en activiteit bevorderende interventies bij patiënten met psychosociale problemen.
OVERWEEG
Overweeg het op de agenda zetten van psychosociaal welbevinden en de mate van geboden ondersteuning in het teamoverleg. Dit zal kunnen bijdragen aan het van elkaar leren, reflecteren en aanvullen van elkaars kennis en ervaring op deze thema’s.
OVERWEEG
Overweeg een telefonische (monitoring) interventie bij patiënten met psychosociale problemen.
OVERWEEG
Overweeg gebruik te maken van de Nursing Interventions Classifcation (NIC) bij patiënten met psychosociale problemen.
OVERWEEG
Overweeg om klachten en behoeften uit te vragen via het ABC-model, waarbij tabel 1-3 suggesties geeft waar de wijkverpleging naar kan doorverwijzen.
NIET DOEN
We bevelen het toepassen van de in deze handreiking vermelde aanbevelingen uit de volgende richtlijnen niet aan (omdat deze standaarden niet zijn toegespitst op de doelgroep van deze richtlijn):
- Depressie in de palliatieve
- Guidance on Cancer Services Improving Supportive and Palliative Care for Adults with Cancer – The Manual’ NICE2019