Bij ADL-zorg gaat het om het uitvoeren van dagelijkse activiteiten die de zorgvrager op dagelijkse basis met een bepaalde mate van ondersteuning uitvoert. De ervaringen, expertise en voorkeuren van de zorgvrager op dat gebied zijn belangrijke bronnen die de zorgverlener kan gebruiken om persoonsgerichte ADL-zorg te leveren. Zorgverleners streven ernaar om de zorgvrager zo veel mogelijk te betrekken in de keuzes die in en rondom de ADL-zorg worden gemaakt. Naast de zorgvrager kan ook de mantelzorger – waar mogelijk in overleg met de zorgvrager – betrokken worden in de keuzes die in de ADL-zorg worden gemaakt. Hierbij gaat het om het kiezen voor ADL-doelen. Het gaat zowel om de afspraken die gemaakt worden om deze doelen te bereiken, alsook om de manier waarop de ADL-zorg wordt geleverd en geëvalueerd. De zorgvrager heeft een duidelijke stem in het kiezen van ADL-doelen. De zorgvrager geeft daarbij aan wat hij/zij belangrijk vindt en wat hij/zij zou willen bereiken samen met de zorgverlener. Wanneer duidelijk is wat het doel van de ADL-zorg is, wordt afgesproken hoe dit doel bereikt kan worden. Ook in het maken van afspraken over de manier waarop deze doelen in de praktijk worden bereikt heeft de zorgvrager iets te kiezen. Denk bijvoorbeeld aan: Wat wil en kan de zorgvrager zelf doen? Hoe en waar wil de zorgvrager ADL-zorg ontvangen (douche, bad, wastafel, bed)? Bij welke ADL-handelingen heeft de zorgvrager ondersteuning nodig? Wanneer de gemaakte afspraken daadwerkelijk in de praktijk worden uitgevoerd, kiezen de zorgvrager en zorgverlener gezamenlijk hoe en op welke wijze de gemaakte afspraken tijdens een zorgmoment uitgevoerd kunnen worden, afhankelijk van de behoefte en situatie van de zorgvrager op dat moment. De zorgvrager wordt door de zorgverlener zo veel mogelijk in staat gesteld om samen met de zorgvrager keuzes te maken in de ADL-zorg.

Onderliggende knelpunten

Uit de uitgevoerde knelpuntenanalyse, die is gebaseerd op twee wereld-café bijeenkomsten, expertise uit de werkgroep en de wetenschappelijke literatuur, blijkt dat dat de geleverde zorg soms onvoldoende overeenkomt met de wensen en behoeften van zorgvragers. De zorgvrager lijkt onvoldoende betrokken te worden bij de keuzes die er in de ADL-zorg gemaakt worden. Ook kunnen bijvoorbeeld de ervaren werkdruk en de (ervaren) mogelijkheden binnen de organisatie zorgen voor een spanningsveld. Dit spanningsveld kan de afstemming tussen zorgvrager en zorgverlener beïnvloeden. Er zijn dus handvatten nodig om het perspectief van de zorgverlener en de zorgvrager dichter bij elkaar te brengen.

Uitgangsvraag 1

Deze uitgangsvraag biedt handvatten voor zorgverleners om de zorgvrager meer te betrekken bij het stellen van ADL-doelen, het maken van zorgafspraken, uitvoeren en evalueren van zorg, om zodoende de overeenstemming tussen de geleverde en de gewenste ADL-zorg te vergroten. In deze uitgangsvraag wordt antwoord gegeven op de volgende vraag: “Op welke manier kan de zorgvrager door de zorgverlener optimaal betrokken worden bij het stellen van doelen, het maken van afspraken en in de uitvoering van de ADL-zorg?”

Werkwijze uitgangsvraag 1

Deze uitgangsvraag beschrijft vijf aanbevelingen die handvatten bieden voor het betrekken van de zorgvrager in de ADL-zorg. De aanbevelingen zijn inhoudelijk onderbouwd op basis van de wetenschappelijke en de expertise van de werkgroep. Uitgangspunt voor deze uitgangsvraag zijn de basisprincipes van de handreiking Gezamenlijke besluitvorming over doelen en zorgafspraken , die het resultaat is van het project “Gezamenlijke besluitvorming”, uitgevoerd door InEen, Zuyd Hogeschool en Universiteit Maastricht, in samenwerking met de Ondernemende Huisarts, het NHG, Huisartsopleiding VUmc en NCPF in opdracht van het Zorginstituut Nederland. Deze handreiking is door de werkgroep gekozen omdat deze de onderliggende theorie van gezamenlijke besluitvorming vertaald heeft naar handvatten die aansluiten op het zorgproces. Aanvullend op deze handreiking zijn resultaten uit de wetenschappelijke literatuur omtrent het betrekken van zorgvragers in keuzes gebruikt om de aanbevelingen verder te onderbouwen. In de bijlage van deze uitgangsvraag is de verantwoording van deze uitgangsvraag opgenomen waarin de totstandkoming en gehanteerde werkwijze is beschreven en onderbouwd.