Aanbeveling 3: De Katz-6 schaal en de Katz-10 schaal; Het gebruik van de Katz –schaal kan overwogen worden om de mate van ADL-zelfstandigheid van zorgvragers vast te stellen en te evalueren. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de beperkte mate van validiteit en betrouwbaarheid en de onduidelijkheid over responsiviteit en interpreteerbaarheid.
Beschrijving van het instrument; Doel/achtergrond
De Katz ADL-schaal is ontwikkeld om de mate van ADL-zelfstandigheid van zorgvragers te beoordelen. De originele Katz-schaal is ontwikkeld door Katz en bestaat uit 6 ADL-aspecten die de mate van zelfstandig functioneren aangeven . Sinds de eerste publicatie in 1963 is de Katz 6-schaal verschillende keren aangepast en vertaald. De originele Engelstalige versie van de Katz-6 is uitvoerig op validiteit, betrouwbaarheid en responsiviteit getest. Systematische literatuurstudies bevestigen de kwaliteit van de Engelstalige versie van de Katz-6 schaal wat betreft validiteit en betrouwbaarheid bij afname bij bijvoorbeeld kwetsbare ouderen en zorgvragers met een CVA . In Nederland zijn drie versies van de Katz beschikbaar, een Katz-6, Katz-10 en Katz-15 schaal. Vergeleken met de Katz-6 heeft de Katz-10 schaal een item over het wassen van handen en gezicht. Het item voor mobiliteit “transfer van bed naar stoel” is vervangen door 3 andere items waaronder het “verplaatsen binnenshuis op gelijke vloer”, “verplaatsen buitenshuis” en “ traplopen”. De Katz-15 schaal bevat naast ADL-items ook onderdelen van de Lawton-IADL schaal . Door de focus op IADL valt deze Katz-15 buiten de scope van deze richtlijn. Uit het voor deze uitgangsvraag uitgevoerd literatuuronderzoek voor de Nederlandstalige meetinstrumenten kon alleen informatie worden gevonden over de Katz 6-schaal en de Katz-10 schaal als interview of zelf-report versie.
Afname
Katz-6 schaal: Oorspronkelijk is de Katz-6 schaal ontwikkeld als observatieschaal waarin de zorgverlener op basis van uitgevoerde activiteiten de mate van ADL-zelfstandigheid scoort. De totaalscore van de Katz 6-Schaal varieert van A: Onafhankelijk voor de zes items; B: Afhankelijk voor 1 van de zes items; C: Afhankelijk voor wassen en 1 bijkomend item; D: Afhankelijk voor wassen, kleden en 1 bijkomend item; E: Afhankelijk voor wassen, kleden, WC-bezoek en 1 bijkomend item; F: Afhankelijk voor wassen, kleden, WC-bezoek, verplaatsen en 1 bijkomend item tot; G: Afhankelijk voor alle items 0 en 6 . Katz-10 schaal: De Katz-10 schaal wordt door de zorgvrager zelf ingevuld waarbij hij/zij een inschatting geeft van zijn eigen functioneren. In de Katz-10 schaal versie wordt ook het aantal fysieke beperkingen geteld, wat een score van 0 tot 10 oplevert .
Afnameduur
Katz-6 schaal: De website meetinstrumentenindezorg.nl geeft een indicatie voor een afnameduur van 5-10 minuten van de Engelstalige Katz 6-schaal bij zorgvragers in het ziekenhuis . Katz-10 schaal: Er is geen informatie getraceerd over de afnameduur van de Katz-10 schaal.
Verkrijgbaarheid
Verkrijgbaarheid De Katz-6-schaal is beschikbaar via de website meetinstrumentenindezorg.nl.
Onderbouwing
Voor deze uitgangsvraag is uitsluitend gekeken naar de eigenschappen van de Nederlandse versie van de Katz 6-schaal en de Katz 10-schaal als meetinstrument om de mate van ADL-zelfstandigheid in kaart te brengen. Validiteit De inhoudsvaliditeit wordt meestal bij ontwikkeling van een meetinstrument getoetst door te onderzoeken of de inhoud van het meetinstrument relevant, volledig en begrijpelijk is voor de beoogde doelgroep . De inhoudsvaliditeit van Nederlandse versie is niet aanvullend onderzocht.
Constructvaliditeit: Deze vorm van validiteit gaat na of de scores van een meetinstrument consistent zijn met vooraf opgestelde hypothesen over de samenhang met de scores van andere meetinstrumenten die bijvoorbeeld vergelijkbare of tegenovergestelde constructen meten . Een goede mate van constructvaliditeit van de Engelstalige versie van de Katz-schaal is beschreven in eerder onderzoek . Katz 6-schaal: In de studie van Reijneveld et al. (2007) is gekeken naar de constructvaliditeit van de Katz 6-schaal voor thuiswonende kwetsbare ouderen. Hiervoor zijn de uitkomsten van de Katz 6-schaal vergeleken met andere negatieve gezondheidsuitkomsten. In het kader van samenhang tussen meetinstrumenten beschouwt de COSMIN een correlatiescore van >0.70 als goed . Er werd een relatief lage samenhang gevonden met de SF-36 subschaal fysiek functioneren (r= -0.52); de SF-36 subschaal mentaal functioneren (r= -0.27), de SF-36 subschaal sociaal functioneren (r= -0.17), de SF-36 subschaal vitaliteit (r= -0.37), kwaliteit van leven gemeten met de EQ-5D (r= -0.46) en kwetsbaarheid gemeten met de Frailty Index (r= 0.21). Gezien de gebruikte sub-schalen gedeeltelijk ook ADL-zelfstandigheid onafhankelijke constructen meten, lijkt de beperkte samenhang tussen ADL-zelfstandigheid verwacht. De constructvaliditeit van de Nederlandse versie van de Katz-6 schaal bij thuiswonende kwetsbare ouderen is voldoende aangetoond. Katz-10 schaal: De constructvaliditeit van de Nederlandstalige versie van de Katz 10-schaal is onderzocht in de studie van Laan et al. (2014). In deze studie is bij Turkse, Marokkaanse en Nederlandse ouderen gekeken of de uitkomsten van de Katz 6-schaal overeenkomen met vijf andere meetinstrumenten. Uit de uitgevoerde analyse blijkt dat de scores op de Katz 6-schaal in beperkte mate samenhangen met de uitkomsten van twee (gedeeltelijk) overeenkomstige instrumenten, namelijk de mobiliteits-subschaal van de Organization for Economic Co-operation and Development (OECD) indicator (Spearman Brown correlatiecoëfficiënt: 0,64) en de subschaal fysiek functioneren van de SF-36 Health survrey (Spearman Brown: r=0,60). Er is een matige samenhang met drie andere metingen: CES-D depressieve symptomen (Spearman Brown: r=0,41), SF-36 rol prestaties (Spearman Brown: r=- 0,44) en de aanwezigheid van chronische aandoeningen (Spearman Brown: 0.35). De gestelde hypotheses door Reijneveld et al. (2007) zijn hierin bevestigd. Er is dus sprake van voldoende constructvaliditeit bij afname van de Katz 10-item(Laan et al., 2014) schaal bij ouderen van Marokkaanse, Turkse of Nederlandse afkomst.
Betrouwbaarheid
De betrouwbaarheid van de Engelstalige versies van verschillende versies van de Katz-schaal is beschreven in de review van Hartigan (2007).
Interne consistentie: Interne consistentie beschrijft de mate van onderliggende samenhang van items en valt bij de COSMIN-taxonomie onder betrouwbaarheid (Mokkink et al., 2018). Katz-6 schaal: In de studie van Laan et al. (2014) is de interne consistentie berekend met een Kuder-Richardson-20 (KR-20). De gerapporteerde KR20 coëfficiënt is r=0.55, hetgeen duidt op een relatief lage interne consistentie voor de Katz 6-item schaal bij afname bij kwetsbare ouderen. Katz 10-schaal: Ook hebben Laan et al. (2014) de mate van interne consistentie onderzocht door de Cronbachs alfa te berekenen. Uit de berekening blijkt een Cronbach’s alfa van α = 0.93. Deze studie toont een hoge mate van interne consistentie van de Katz-10 schaal in de afname bij ouderen van Marokkaanse, Turkse of Nederlandse afkomst.
Overwegingen uit de werkgroep over de hanteerbaarheid
De werkgroep is weinig bekend met de Katz-6 of Katz-10 schaal en geeft aan dit meetinstrument in de praktijk nauwelijks te gebruiken om de ADL-zelfstandigheid van zorgvragers voor alle ADLrelevante doelgroepen en settingen vast te stellen.
Conclusies
