Hieronder beschrijven we de conclusies die getrokken kunnen worden uit de wetenschappelijke en grijze literatuur en de focusgroep (zie bijlage 6). Er dient rekening mee gehouden te worden dat grijze literatuur bias kan bevatten. De kwalitatieve studie van De Veer e.a., 2022 is een kwalitatief goed uitgevoerde studie, waarbij ook hier voorzichtig moet zijn met de interpretatie omdat het hier maar om één studie gaat.
Uit de wetenschappelijke literatuur komt als mogelijke oplossing naar voren dat elke organisatie een stappenplan zou moeten hebben met een gedetailleerde beschrijving wat een medewerker moet doen als hij/ zij te maken heeft met een vervuild huishouden. Hierin zouden onder andere tools moeten staan om de mate van vervuiling vast te stellen en criteria in wanneer het bieden van zorg geweigerd kan worden. Ook kan gedacht worden aan een tool die samenwerking tussen de betrokken medewerkers ondersteunt.
Grijze literatuur: De Arbocheck Verpleging en Verzorging biedt een checklist om te bepalen of er bij een cliënt veilig, gezond en hygiënisch gewerkt kan worden. De Arbochecklist onderscheidt vijf mobiliteitsklassen, waarbij per klasse wordt gekeken welke handelingen veilig, hygiënisch en gezond kunnen worden uitgevoerd. De richtlijn Fysieke belasting stelt duidelijke regels voor de lichamelijke belasting tijdens het werken in de zorg. In dit overzicht zijn de regels en afspraken opgenomen voor de lichamelijke zorg voor cliënten en de noodzaak om hulpmiddelen of aanpassingen te gebruiken.
Uit de focusgroep met professionals blijkt dat de meeste organisaties eigen protocollen en richtlijnen rondom hygiëne en veiligheid hanteren. Dat betreft meestal richtlijnen over waar een werkomgeving aan moet voldoen, zoals de Arbocheck en de richtlijn Fysieke belasting en de Basishygiëne Wijkverpleging van de RIVM. De bepalingen uit deze richtlijnen bieden niet voldoende houvast voor situaties waarin sprake is van een vervuild huishouden. Deelnemers geven aan dat ze de Arbo-regels in de praktijk inzetten als handvat het gesprek aan te gaan en/of om een cliënt in beweging te krijgen.