DOEN: Bij een cliënt in de eerste lijn met een verhoogd fractuurrisico (zie module signalering) of vastgestelde osteoporose:
- Breng voorkeuren en beperkingen t.a.v. bewegen in kaart.
- Stel vast of de cliënt voldoende beweegt. Dit betekent per week ten minste 150 minuten matig-intensief bewegen en 2 keer spierversterkende en balansoefeningen.
- Adviseer om voldoende te bewegen als de cliënt nu onvoldoende beweegt.
-
- Het gaat hierbij vooral om gewichtsdragende (botversterkende) interventies zoals wandelen, spierversterkende en balansoefeningen.
- Houd bij het beweegadvies rekening met persoonlijke voorkeuren, mogelijkheden en beperkingen van de cliënt.
- Overweeg begeleiding door een beweegspecialist bij onvoldoende zelfmanagement en bij persoonlijke of complexe problematiek.
- Bespreek met de cliënt hoe het opvolgen van beweegadviezen wordt geëvalueerd.
Aanbevelingen over valpreventie worden gegeven in de module valpreventie.