Bespreek bij de voorlichting:
- wat goede mondverzorging is, met als doel verminderen of voorkomen van mondklachten;
- welke mondproblemen verwacht kunnen worden voor de individuele patiënt en wat dan te doen;
- wat mogelijke hulpbronnen zijn, in de vorm van achtergrondinformatie (folders, internet) en beschikbare zorgverleners (artsen, verpleegkundigen, maar ook tandarts en mondhygiënist). Maak daarbij gebruik van informatie van het Ivoren Kruis (droge mond en tandenpoetsen) en SKILZ (poetskaart overkappingsprothese en poetsvolgorde gebit met tanden en kiezen);
- wijs de patiënt op de informatie van Overpalliatievezorg;
- maak zo nodig gebruik van de terugvraagmethode van Pharos;
- schakel eventueel een tolk in als er sprake is van een taalbarrière en als de patiënt en naasten de Nederlandse taal niet goed beheersen;
- houd rekening met de gezondheidsvaardigheden van de patiënt (onder andere het gemak waarmee geschreven tekst begrepen wordt) en de sociaaleconomische en culturele achtergrond. Zie voor handvatten hiervoor de links, die genoemd worden bij Overwegingen.