Aanbeveling 1: Breng de ADL-gerelateerde gewoontes en ervaren klachten (subjectieve gegevens) van de zorgvrager tijdens een (intake-)gesprek in kaart en leg deze vast in het zorgdossier. Dit kan worden bereikt met de volgende aanpak:
- Sta in het gesprek stil bij de ADL-gewoontes van de zorgvrager. Inventariseer hiervoor hoe iemand gewend is/was om de ADL-handelingen uit te voeren. Bijvoorbeeld: hoe en waar was iemand gewend om zich te wassen of douchen, en welke materialen zijn hiervoor gebruikt?
- Inventariseer op welk gebied de zorgvrager moeilijkheden ervaart en welke klachten hierbij komen kijken. Sta stil bij wat de zorgvrager voelt en ervaart en waar iemand tegenaan loopt.
- Leg deze gegevens vast in het zorgplan van de zorgvrager.
- Betrek in overleg met de zorgvrager ook de mantelzorger in dit gesprek voor aanvullende informatie over bovenstaande aspecten.
Onderbouwing vanuit de literatuur
De richtlijn Verpleegkundige en Verzorgende Verslaglegging beschrijft subjectieve gegevens als klachten en symptomen die de zorgvrager ervaart. Deze gegevens worden veelal verzameld door middel van een gesprek met de zorgvrager en/of zijn naasten. Uiteindelijk worden deze gegevens vastgelegd in het zorgdossier van de zorgvrager om tot een verpleegkundige diagnose (probleembeschrijving) te komen.
Overwegingen vanuit de werkgroep
De werkgroep geeft aan dat het op ADL-zorggebied met name belangrijk is om erachter te komen wat de gewoontes van de zorgvrager zijn/waren en hoe deze zich verhouden tot de huidige problemen die zich in de daadwerkelijke uitvoering van de ADL bij de zorgvrager voordoen. Door middel van een gesprek met de zorgvrager of zijn/haar naaste(n) kan men bijvoorbeeld ook gewoontes van de zorgvrager achterhalen. Hoe een zorgvrager gewend is om zich bijvoorbeeld te wassen of te douchen is bepalend voor de door de zorgverlener in te zetten acties en een belangrijk uitgangspunt. Deze gewoontes zijn onderdeel van de subjectieve gegevens die geïnventariseerd worden als basis voor de te leveren zorg. Naast de gewoontes worden de problemen, die de zorgvrager zelf in zijn/haar eigen zelfzorg ervaart, besproken en in het zorgplan genoteerd. Waar loopt de zorgvrager zelf tegenaan? Welke klachten of problemen doen zich voor in de uitvoering van ADL (bijvoorbeeld onzekerheid, pijn, moeheid)? Deze subjectieve gegevens worden door de zorgverlener vastgelegd in het zorgplan en zijn mede met de objectieve gegevens leidend voor de verpleegkundige diagnose.
Voorbeeld van ADL-specifieke subjectieve gegevens:
Mevrouw Janssen, 82 jaar, met sarcopenie. Mevrouw voelt zich vermoeid en eenzaam (klachten/gevoel). Ze merkt dat ze steeds meer moeite heeft om zich zelfstandig te verzorgen, ze geeft aan steeds moeilijker rechtop te komen bij het opstaan vanuit het toilet of een stoel en dat het aankleden steeds meer moeite kost (symptomen). Na het wassen en aankleden in de ochtend moet mevrouw tot een half uur rusten voordat zij verder haar gebruikelijke dagritme kan oppakken. Zij voelt zich machteloos en is met name bij in en uit bad stappen bang om te vallen (gevoel).
Conclusie
Niveau 4: meningen van experts
De werkgroep is van mening dat het in kaart brengen van de subjectieve gegevens door een (intake-)gesprek essentieel onderdeel uitmaakt van het in kaart brengen van de zorgvraag. Belangrijke ADL-relevante subjectieve gegevens zijn: problemen die de zorgvrager zelf ervaart in de ADL-zorg, ADL-gewoontes en wat de zorgvrager belangrijk vindt in de uitvoering van de ADL-zorg.