Het monitoren en evalueren van de kwaliteit van de verslaglegging wordt door de project- en adviesgroep belangrijk gevonden om te kunnen achterhalen waar de verslaglegging verbeterd kan worden. Voor het monitoren kunnen bestaande (gevalideerde) meetinstrumenten gebruikt worden, zoals de Nederlandstalige D-Catch, maar verpleegkundigen en verzorgenden kunnen ook op een andere wijze de kwaliteit van hun verslaglegging monitoren en evalueren. Die vrijheid is volgens de project- en adviesgroep wenselijk, omdat nog geen algemeen geaccepteerde, setting-overschrijdende indicatoren en daaraan verbonden Nederlandstalige meetinstrumenten zijn voor de kwaliteit van verpleegkundige en verzorgende verslaglegging.
Omdat de landelijke ontwikkelingen betreffende informatiestandaarden en zorginformatie-bouwstenen in volle gang is (zie toelichting bij de Overwegingen van uitgangsvraag 2), is het ook nog te vroeg om precies voor te schrijven met welke indicatoren en instrumenten de kwaliteit van de verslaglegging inzichtelijk moet worden gemaakt. Wel is het belangrijk dat de kwaliteit van de verslaglegging regelmatig en op systematische wijze wordt gemonitord en geëvalueerd.
Ook al zijn er nog geen landelijk vastgestelde indicatoren en meetinstrumenten om de kwaliteit van de verslaglegging te monitoren, verpleegkundigen en verzorgenden kunnen wel afspraken met elkaar maken over hoe vaak (bijvoorbeeld 1 x per maand) en op welke wijze ze de verslaglegging gaan monitoren. Elementen uit de aanbevelingen in deze richtlijn kunnen hierbij als uitgangspunt genomen worden. Bijvoorbeeld aangaande de vraag of de cliënt of wettelijk vertegenwoordiger betrokken is geweest bij de verslaglegging van het zorgplan, de verslaglegging een logische en voldoende inhoudelijke weergave van alle fasen van het verpleegkundig proces is, en of dat de eOverdracht is gebruikt is.