Elektronische verslaglegging wordt aanbevolen (aanbeveling 4), op basis van de literatuurstudie en op basis van overwegingen van de project- en adviesgroep (zie hierna). Bij deze overwegingen speelden sterk mee dat door landelijke partijen (zoals VWS en V&VN) ervan uitgegaan wordt dat voor de uitwisselbaarheid en hergebruik van gegevens elektronische verslaglegging gewenst is.
Daarbij komt zowel uit de literatuurstudie als uit de overwegingen van advies- en projectgroep naar voren dat het belangrijk is dat elektronische systemen gebruiksvriendelijk en efficiënt zijn en dat daarom bij de ontwikkeling en keuze van de systemen ook verpleegkundigen en verzorgenden zelf betrokken moeten zijn (aanbeveling 5).
Daarbij zijn er aanwijzingen uit de literatuurstudie en is er consensus in de project- en adviesgroep dat verpleegkundigen en verzorgenden voor de verslaglegging gebruik dienen te maken van formats die passen bij de context waarin zij werken (aanbeveling 6). Een format is een thematische indeling voor het ordenen van gegevens. Zo’n thematische indeling kan bijvoorbeeld ontleend worden aan een ordeningssysteem, bijvoorbeeld de gezondheidspatronen van Gordon.
Verder is gebruik van eenduidige taal van belang, waarvoor gebruik van informatiestandaarden nodig is (aanbeveling 7). Eenduidig wil in dit kader zeggen dat de gebruikte termen in de verslaglegging maar voor één uitleg vatbaar zijn. Bij het verschijnen van deze richtlijn is de eOverdracht nog de enige beschikbare informatiestandaard. ‘Informatiestandaarden worden ingebouwd, (en daarmee voor verpleegkundig gebruik ter beschikking gesteld), in het elektronische dossier en zijn bedoeld om die eenduidigheid van termen te bevorderen.
Deze aanbeveling is gebaseerd op overwegingen van de projectgroep.