Verricht een multifactoriële interventie bij thuiswonende vallers gericht op geïdentificeerde valrisicofactoren. Gezien de sterke bewijskracht ten aanzien van bewegingsinterventies dient een multifactoriële valpreventieve interventie ten minste één beweegcomponent te bevatten.
Beperken tot een enkelvoudige interventie kan overwogen worden bij eenmalige vallers zonder bijkomende factoren die zich niet met een acute val presenteren. Indien gekozen wordt voor een enkelvoudige interventie, dient dit een beweeginterventie te zijn, tenzij een specifieke andere valrisicofactor is vastgesteld.
Vraag uitdrukkelijk na wat de wensen van de patiënt zijn en bespreek de mogelijkheden. Beslis samen met de patiënt wat de meest geschikte interventie is in zijn/haar situatie. Dit verhoogt de therapietrouw.
Verwerk in de multifactoriële interventie voor thuiswonende vallers de positief gescoorde valrisicofactoren en overweeg minimaal de volgende items:
- Beweging: Kies voor de interventie over beweeginterventies een op (fysio- of oefentherapeutische) assessment gebaseerde vorm, bij voorkeur één met meerdere categorieën (individueel dan wel in groepsverband). Tai Chi kan overwogen worden.
- Cardiovasculaire aandoeningen (incl. orthostatische hypotensie): Overweeg orthostase adviezen (zie ook de module ‘Valpreventie bij orthostatische hypotensie’) en andere cardiovasculaire interventies conform ESC-guidelines.
- Kennisoverdracht: Overweeg kennisoverdracht aan patiënten ten aanzien van valpreventie (waaronder beweeg- en alcoholadviezen) (zie ook de module ‘Compliantie van ouderen aan valpreventie’).
- Medicatieafbouw (cardiovasculaire medicatie): Overweeg (begeleid) afbouwen van cardiovasculaire medicatie, neem hierbij de indicatie en patiënt preferente wensen (behandeldoelen) in ogenschouw en betrek de hoofdbehandelaar (zie ook de richtlijn Polyfarmacie bij ouderen).
- Medicatieafbouw (psychofarmaca): Bouw psychofarmaca af om het valrisico te verlagen. Betrek hierbij de hoofdbehandelaar.
- Omgeving: Voer als onderdeel van de multifactoriële interventie een persoons-omgevingsinterventie uit, of verwijs hiervoor naar de ergotherapeut voor een evidence-based aanpak.
- Onderliggende ziektes/aandoeningen: Voer specifieke interventies uit.
- Operatief (cataract OK, pacemakerimplantatie bij cardioinhibitoire sinus caroticus overgevoeligheid): Adviseer cataractoperatie (van het eerste oog) bij vallers met cataract. Adviseer pacemakerimplantatie bij cardioinhibitoire sinus caroticus overgevoeligheid.
- Psychologische interventies: Voer specifieke interventies uit.
- Schoeisel/Voetproblemen: Adviseer gebruik van veilig schoeisel, overweeg inschakelen van podotherapeut.
- Vertebril: Adviseer gebruik van aparte vertebril (in plaats van multifocaal bril) voor buitenactiviteiten bij vallers die regelmatig zelfstandig buiten komen.
- Vitamine D-suppletie: Geef vitamine D-suppletie (800IE per dag) indien vitamine D verlaagd is. Laad bij een ernstige deficiëntie (vitamine D <30nmol/L) zo nodig op tot de normaalwaarde is bereikt.
- Vloeistof of voedingstherapie: Behandel ondervoeding en dehydratie.