Er is geen wetenschappelijk bewijs gevonden over persoonlijke hygiëne, daarom heeft de werkgroep gekeken naar relevante aanbevelingen uit de bestaande richtlijnen . De werkgroep heeft besloten om de aanbevelingen uit deze richtlijnen over te nemen, met enkele aanpassingen:
- Bij nagels is toegevoegd: draag geen nagellak op de vingernagels. Bij het dragen van nagellak kan je namelijk minder goed de verontreiniging onder de nagels zien. Daarnaast ontstaat een verzameling van micro-organismen sneller door nagellak.
- Aan “Zorg voor een kortgeknipte baard/snor die niet in contact kan komen met (de omgeving van) de cliënt of de voorkant van de werkkleding” is toegevoegd: draag indien nodig een baardmasker.
- Het komt regelmatig voor dat zorgverleners buiten werktijd/werkzaamheden werkkleding aanhebben. Daarom zijn bij kleding de aanbevelingen toegevoegd.
Verder heeft de werkgroep geconstateerd dat niet in elke zorgsetting dienstkleding wordt gedragen, waaronder de verstandelijk gehandicaptenzorg, GGZ-instellingen, langdurige zorg, en in de thuiszorg. Instellingen hebben zelf reglementen voor het dragen van dienst- of werkkleding opgesteld, dus de regels gelden zoals die bij de instelling zijn. Dienstkleding die door een professionele wasserij wordt gewassen verdient echter wel de voorkeur. Door eigen kleding te dragen is er een risico op contaminatie voorafgaand aan de dienst. Daarnaast is met het wassen van kleding thuis het risico groter dat micro-organismen achterlijven op de kleding .