Deze richtlijn is generiek van aard en breed toepasbaar bij alle cliënten die verpleegkundige zorg ontvangen in alle verpleegkundige zorgsettings (ziekenhuizen, intramurale ouderenzorg, GGZ- en gehandicaptenzorgen de thuissituatie). Specifieke aanbevelingen, zoals het toepassen van isolatiemaatregelen, setting- of ziekte specifieke aanbevelingen, aanbevelingen t.a.v. een specifieke cliëntengroep (bijvoorbeeld neonaten) of aanbevelingen die betrekking hebben op de uitvoering van een specifieke (invasieve) handeling (bijvoorbeeld verzorging van intraveneuze lijnen) maken geen deel uit van deze richtlijn.