Mensen kunnen om verschillende redenen afzien van zorg terwijl zij deze mogelijk wel nodig hebben. Bijvoorbeeld omdat ze teleurgesteld zijn in eerdere hulpverlening, ontmoedigd zijn door (lange) wachttijden, systemen wantrouwen, onmachtig zijn om in een steeds complexere wereld zelf de regie te voeren of vanwege hulpverleners die niet de juiste vragen stellen. Ook kan het zijn dat mensen onder druk van hun omgeving hulpverlening mijden. Andere redenen waarom mensen afzien van zorg zijn dat zij bang zijn hun inkomen te verliezen, dat hun kinderen uit huis geplaatst worden als ze hulp vragen, of omdat ze zich schamen en bang zijn voor oordelen. Deze mensen worden ook wel zorgvuldige zorgzoekers of zorgmissenden (in plaats van zorgmijders) genoemd. Het kan gaan om mensen met complexe lichamelijke, psychische en/of psychosociale problemen, financiële problemen, verslaving, dak- of thuisloosheid, zwakbegaafdheid of een lichte verstandelijke beperking, sociaal isolement, overlast of een combinatie daarvan.

Verpleegkundigen en verzorgenden ervaren (net als andere zorgprofessionals in de eerstelijnszorg, zoals huisartsen) een aantal knelpunten in hun zorgpraktijk die te maken hebben met het bereiken, benaderen en ondersteunen van mensen die zorg mijden of zorg missen. Zo is vaak onduidelijk welke risicofactoren zorgmijding beïnvloeden, hoe zorgmijding kan worden voorkomen en welke aanpak en interventies het meest geschikt zijn bij (het voorkomen van) zorgmijding. Daarbij is ook aandacht nodig voor de context en de hulpverleningsrelatie. Daarnaast ervaren verpleegkundigen en verzorgenden in de eerstelijnszorg knelpunten in de verdeling van professionele en/of organisatorische verantwoordelijkheden en in de onderlinge samenwerking. Hierdoor vallen mensen die zorg mijden of missen vaak tussen de wal en het schip.