Van personen die worden gediagnosticeerd met een TBI, zal ongeveer 10% de ziekte tuberculose ontwikkelen. Dit risico neemt aanzienlijk toe indien het gaat om jonge kinderen of om mensen die immuungecompromitteerd zijn. Het preventief behandelen van de TBI reduceert de kans op het ontwikkelen van tuberculose met ongeveer 60%. Deze behandeling heeft een positief effect op het individu (verminderde kans op het ontwikkelen van tuberculose) en daarnaast ook een volksgezondheidsbelang. Hoewel de incidentie van tuberculose laag is in Nederland, blijft het belangrijk om verdere verspreiding en manifestatie van de ziekte tegen te gaan.
Uiteraard heeft de gebruikte medicatie ook bijwerkingen, hier dient de persoon die wordt behandeld voor een TBI goed over geïnformeerd te worden. Maar over het algemeen worden de behandelingen goed verdragen.
Omdat het individuele behandelplan wordt opgesteld in samenspraak met de patiënt zijn de te verwachten nadelige effecten gering. Indien blijkt dat de interventie psychisch, sociaal en/of economisch belastend is voor de patiënt, dan dient de tbc-verpleegkundige andere (combinaties van) ondersteuningsvormen te bespreken en te overwegen.